Het verhaal van Mary & Kidisti

Ze komen allebei uit een ander land, Mary emigreerde al negentien jaar geleden uit Ierland, Kidisti komt uit Eritrea en is hier pas drie jaar. Daarom weet de één heel goed wat de ander nodig heeft.

Voor Kidisti is er geen weg terug

In de openbare bibliotheek op het Gelderlandplein zitten ze tussen de kinderboeken aan een tafeltje. Sinds twee jaar helpt de Ierse Mary (49) de Eritrese Kidisti (32) met de Nederlandse taal en de cultuur. “Ik wilde dit doen omdat ik negentien jaar geleden zelf uit een ander land kwam en weet hoe belangrijk het is dat iemand je begeleidt met wie je alles kunt bespreken.” Haar Nederlandse man, waardoor ze nu in Amsterdam woont, ontmoette ze in Tanzania waar zij als ergotherapeut werkte en hij als arts. “Ik heb wel iets met andere culturen, vooral de Afrikaanse. Toen ik hiernaartoe verhuisde was de taal mijn grootste probleem, ik heb cursussen gevolgd, maar vooral door mijn werk heb ik het Nederlands snel geleerd.”

Kidisti kwam hier drie jaar geleden, ze ontvluchtte Eritrea via Soedan, haar man woonde toen al een paar jaar in Amsterdam. In 2019 werd haar zoontje Joël geboren; hij gaat binnenkort naar de voorschool en ze is nu zwanger van haar tweede. Ze doet een inburgeringscursus, maar helaas stopte alles tijdens de twee lockdowns vanwege corona, ook haar contact met Mary was toen minder. “We probeerden het nog via WhatsApp,” vertelt Mary, “maar dat verliep moeizaam. Zodra het kon hebben we daarom de fysieke lessen weer opgepakt.” Nu zijn ze weer volop bezig, meestal thuis bij Kidisti. Er liggen kaartjes met tekeningen van situaties die ze moet beschrijven in het Nederlands, ze spelen memory, deden boodschappen bij Albert Heijn en zijn intussen goede vrienden geworden.

Allebei missen ze hun land wel eens, Mary verlangt soms erg naar de natuur van Ierland, maar ze gaat regelmatig terug met haar twee kinderen van acht en negen jaar. Voor Kidisti, als vluchteling, is er geen weg terug. Haar moeder mist ze heel erg, ze hebben wel vaak telefonisch contact en gelukkig heeft ze contact met andere Eritreeërs. Ze doet veel om de eigen cultuur te behouden, als er een feest is gaat iedereen prachtig gekleed en wordt er heerlijk lekker eten gemaakt.  In Amsterdam vindt ze het erg fijn, het viel haar direct op dat het hier zo rustig is. “In Asmara waar ik woonde was het altijd heel druk en het eten was er heel erg duur, gewone dingen als fruit en groenten zijn daar tien keer duurder!“ Twee jaar geleden las Mary in een huis-aan-huisblad dat Amsterdams Buurvrouwen Contact vrijwilligers nodig had, ze meldde ze zich aan en volgde een basistraining.

© Interview: Gaby van der Mee
© Fotografie: Liesbeth Dingemans
www.liesbethdingemans.nl